Flora en fauna
- Huttentut
- Metaalvlinder

Natuurnieuws
- Wilde flora op de kaart
- Fotowedstrijd zoogdieren
- Droogte is een natuurlijk proces

Natuur Uit en Thuis
- UIT: appelvink en adder

- THUIS: pootje baden


Natuur kort
- WAD-live

- Herfstvogels
- 'Europese Dag van de Paddenstoel'

Website van de maand
- Wibnet.nl
Natuur Plus
- Goudplevier




Excursies
-
Nazomeren op landgoed Duivenvoorde

Bomenweetjes
-
Bedreigingen van bos
- Kappen bomen in boswachterij Kootwijk

Uit-tips
-
Kunstvormen in de Natuur
- Natuurmuseum Klaas Nanninga



 
NB. De links in onderstaande tekst zijn vet gedrukt en hebben een groene kleur.
 

 
       
   
   


Huttentut

Huttentut. Spreek het eens een paar keer achter elkaar uit... en je wilt weten wat of wie zich verbergt achter die naam. Het zou zomaar een een oud-Hollands (streek)gerecht kunnen zijn, maar het is een van de oudste Nederlandse cultuurgewassen. In Europa wordt het gewas al ruim 3000 jaar verbouwd. Mogelijk is huttentut oorspronkelijk afkomstig uit West-Azië.

Huttentut (= vals vlas), ook wel dodder, deder, karmil, kremil of gekkenzaad genoemd, is een plant uit de kruisbloemenfamilie. ‘Natuurlijke Historie van Nederland’ (1859) vermeldt dat Huttentut ‘eene verbastering van Uit en Tuit’ is en Vlasdodder ‘eene verbastering van Vlasdooder’.



Bron foto rechtsboven:
www.hunebednieuwscafe.nl

Huttentut komt over het hele noordelijk halfrond in het wild voor. Op de zogenaamde raatakkers (celtic fields) in de ijzertijd werd het gewas al verbouwd voor het winnen van plantaardige olie die gebruikt werd in lampen en als strijkmiddel van natuurlijke verven. De olie is heel gezond door o.a. de hoge concentratie omega 3 vetzuren en antioxidanten. Het kaf werd gebruikt als veevoer voor schapen of tot koek geperst als krachtvoer voor het vee. Van de stengels werden borstels en manden gemaakt en gebruikt als dakbedekking of als grondstof van de papierindustrie.

Huttentut groeit op de allerarmste gronden, ook zonder kunstmest, onkruidbestrijding is eigenlijk niet nodig  want huttentut ontkiemt en groeit snel. De eenjarige plant heeft gave of getande, stengelomvattende bladeren en gele bloemen, vooral voor bijen is het een erg geliefde bloem vanwege de hoeveelheid nectar.

Foto: drachtplanten.nl

De Germanen gebruikten de plant als groente bij champignons of bij een tijdens de jacht gevangen konijn. Uit analyses van de maaginhoud van veenlijken blijkt dat de (laatste) maaltijden bestonden uit pap of moes die voornamelijk was samengesteld uit primitieve gerst, vruchten van duizendknoop en graansoorten zoals vlas en huttentut.
Rond 1930 wordt de soort hier niet meer als gewas gekweekt, maar men verbouwt huttentut om de historie levend te houden op de Celtic Fields op het Wekeromse zand bij de IJzertijdboerderij waar nog zichtbare restanten van één van de grootste Celtic fieldsystemen van Nederland te vinden zijn.


Metaalvlinder of standkruidvlinder (familie bloeddrupjes)

Half juli zag ik kleine blauwgroen glanzende vlindertjes op het zandblauwtje, vlindertjes die ik nog nooit eerder had gezien... De naam is enigszins verwarrend, want metaalvlinders komen niet in Nederland en België voor, maar op warme, open (kalk)graslanden en op stenige bergweiden in de Alpen. De zeer gelijkende standkruidvlinder is algemeen en vliegt wel in Nederland. Hij komt vooral op de zandgronden in het oosten van het land en op Waddeneilanden voor.

Ik zag dit vlindertje in een ruig veld in Drenthe, samen met een ander lid van de bloeddrupjesfamilie: de sint-jansvlinder.  

De standkruidvlinder (Adscita statices) is een kleine dagactieve nachtvlinder met een vleugellengte van 12 tot 16 millimeter. Hij vliegt van half mei tot eind augustus. Op zonnige dagen bezoekt dit vlindertje bloemen van diverse kruiden zoals distels, slangekruid, diverse zuringsoorten of koekoeksbloem.
De voorvleugels van de standkruidvlinder zijn helder metaalkleurig groen, de achtervleugels donkergrijs. Het mannetje heeft gekamde voelsprieten die veel groter zijn dan die van het vrouwtje en nodig om de feromonen (geslachts-lokstof) van vrouwtjes waar te nemen.
De vlinders hebben voor vijanden een vieze smaak. Gedurende hun hele levenscyclus zijn de bloeddrupjes giftig. Het gif bestaat onder meer uit blauwzuur. De antennes van de bloeddrupjes zijn vaak knotsvorming of getand.

Rups: Fotograaf: Jan de Gooijer

Het metaalvlindertje legt haar eitjes op zuringsoorten en het rupsje mineert in het blad.
De rups is pissebed-vormig, bruingeel, en heeft fijne, zwarte haarborstels, verspreid over zijn hele lijf. Verpopping vindt plaats in een witte cocon tegen een stengel of onder bladeren. De rupsentijd is van begin augustus tot eind april van het volgende kalenderjaar.

terug naar boven >>

   
       
   
   


Wilde flora op de kaart

Natuurorganisaties FLORON, de Bryologische en Lichenologische Werkgroep en de Nederlandse Mycologische Vereniging hebben een kaart gemaakt met hotspots voor botanische biodiversiteit in Nederland. Deze plekken blijken niet alleen in natuurgebieden te liggen. Een kwart van de gebieden is niet beschermd. Zo scoort de binnenstad van Amsterdam het hoogst op diversiteit aan muurplanten. Drie van de beste plekken voor korstmossen zijn oude zeedijken met veel natuursteen. Kleine particuliere landgoederen in Friesland en Groningen herbergen een uitzonderlijke rijkdom aan stinzenplanten.

Vrijwilligers en de overheid hebben de afgelopen 30 jaar in heel Nederland planten en dieren in kaart gebracht. Inmiddels zijn tientallen miljoenen waarnemingen van planten verzameld. In totaal zijn 200 gebieden in Nederland aangemerkt als hotspot. De twee meest diverse gebieden zijn te vinden op de Veluwe in de omgeving van Kasteel Staverden en in de duinen bij Wassenaar.

Bijna alle duingebieden en natuurgebieden in Zuid-Limburg scoren hoog, vanwege het grote aantal zeldzame en bedreigde soorten dat hier voorkomt. De gebieden zijn vooral zo rijk omdat hier veel verschillende biotopen bij elkaar te vinden zijn, zoals open duin, bos, bebouwing en kleinschalige landbouw.

Bij hotspots met een klein oppervlak is de rijkdom aan soorten vaak te danken aan een consequent beheer, zoals maaien, plaggen en zagen. De kaart met de 200 hotspots is gemaakt met waarnemingen uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) en de Rode Lijst en is te raadplegen in de NDFF Verspreidingsatlas.

Naast beschrijvingen van gebieden is het ook mogelijk om de lijst met de soorten op te vragen die binnen een straal van 5 kilometer rond het gebied voorkomen.

Bron: Nature Today 


terug naar boven >>

 


Fotowedstrijd zoogdieren

Hoe kunt u meedoen? U kunt foto’s insturen van inheemse, in het wild voorkomende soorten die zich minimaal tien jaar in het wild in ons land voortplanten.

Dus bijvoorbeeld wel de otter, maar niet de wolf en de wilde kat. U mag ook foto’s insturen van uitgestorven soorten, die u in een dierentuin of het buitenland hebt gefotografeerd. Voorkom uiteraard verstoring tijdens het fotograferen, en zorg dat de omgeving eruit ziet als wilde Nederlandse natuur zonder hekken. Iedereen mag meedoen, tenzij u beroepsfotograaf of medewerker van de zoogdiervereniging bent. Lees hier de spelregels.

Foto's insturen kan tot uiterlijk 31 december 2019. Meer info: klik hier



'Droogte is een natuurlijk proces'
Het jaar 2018 was erg droog jaar en ook in 2019 is het droog en dat heeft effect op de natuur. De vegetatie verdort, bos en heide worden vatbaar voor brand; beken, vennen en poelen vallen droog en watergebonden soorten sterven. Maar dat er in zo’n droge periode nog veel meer gebeurt, viel dit jaar pas goed te merken.



Door de langdurige droogte in 2018, zijn op tal van plekken planten niet alleen bovengronds verdord, maar volledig afgestorven. Dit bleek vooral het geval bij grassen op een zandige bodem. Bodems die normaal toch wel vochtig bleven, verdroogden nu diep.
Met het lokaal verdwijnen van de dominante grassen, verscheen er dit jaar een weelde aan bloemen op de opengevallen plekken. Voorbeelden daarvan zijn zichtbaar in het gebied Kuipersveer in de Hoeksche Waard en in het gebied Maashorst waar op diverse plekken een mozaïek van grassen en kruiden (is) ontstaan.


Bron: ARK Natuurontwikkeling

   
       
   
   


Elke maand schrijf ik een stukje over iets wat ik in de afgelopen maand heb gezien tijdens een van mijn wandelingen.
UIT: ergens in het land.
THUIS: Maasland (ZH) en omstreken.

Tiny van der Meer


Natuur uit: Appelvink en Adder

Het ultieme vakantiegevoel: Elke morgen het fluitje horen van de schaapherder tijdens het ontbijt op de veranda van mijn vakantiehuisje. De schaapskudde met Schoonebeeker schapen, een zeldzaam inheems ras, dat behoort tot het cultuurhistorisch erfgoed, graast weer op het grote naastgelegen ruige veld. Altijd weer een fantastische gezicht!



Elke morgen scharrelt er ook een jonge roodborst bij de tuintafel. Ik volg de kleine bruingevlekte druktemaker die nog in niets lijkt op de oudervogel. Dan zie ik opeens een appelvink vlak voor me op een boomtak. Als zij op de grond landt, verschijnt er een jong, dat bedelt om voedsel. Ik hou me muisstil, maak foto’s. Wat mooi en wat bijzonder dat dit tafereeltje zich voor m’n ogen afspeelt. Het kan niet op want de dag er na kronkelt er plotseling een adder over het wandelpad in het Dwingelderveld.

Voordat zij weer in de berm verdwijnt, mag ze eerst op de foto. Daar is ze het niet helemaal mee eens. Ze richt haar kop op en ik hoor haar zachtjes sissen, maar na deze kleine bangmakerij verdwijnt ze snel in de struiken. Als ik in het Mantingerveld ook nog de gekraagde roodstaart zie, de mooie, met witte harige nopjes bedekte dikke groene rups van de kleine nachtpauwoog en een piepkleine juveniele levendbarende hagedis, dan kijk ik nu al weer uit naar een nieuw weekje Drenthe!


NATUUR thuis: Pootjebaden

Dat niet alleen mensen van pootjebaden houden als het (erg) warm is, blijkt in de Broekpolder. Overgestoken met het veerpontje ‘De Kwakel’ fiets ik naar ‘De Ruigte’.

Ik rijd langs de heuvel die bedekt is met een ‘zee’ van uitgebloeide akkerdistel rondom het uitkijkpunt de ‘Tribune’. De zaden worden massaal meegenomen door de stevige wind... het lijkt wel of het sneeuwt! Bij ‘De Ruigte’ is het ‘s zomers een kleurenfeest door de uitbundige bloei van kattenstaart kaardenbol, zuring, harig wilgenroosje, watermunt en jacobskruiskruid met als gevolg de overvloedige aanwezigheid van hommels, vlinders en libellen.

Van al dat moois trekken de Schotse Hooglanders zich niets aan. Ze willen maar één ding: afkoelen, dus stapt een groep van zo’n 20 stuks het water in. Niks grazen, maar lekker suffen in het verkoelende water. Geef ze eens ongelijk...


terug naar boven >>

   
     
   
   


WAD Live

Wad live is een muzikale filmhommage aan de rauwe en pure schoonheid van de Nederlandse wadden. Met het 42-koppige Noordpool Orkest voor het filmdoek en regisseur Ruben Smit als verteller gevat in een uniek filmconcert.

Speciaal voor deze voorstelling bevat de film WAD veel nieuwe nog niet vertoonde beelden. Een unieke belevenis!

Bekijk de trailer: klik hier

24 augustus t/m 11 december -  20 theaters door heel Nederland

Meer info: klik hier

 


Herfstvogels

De vogeltrek is in volle gang. Wie nu in de ochtenduren even in de tuin staat, zal kleine groepjes vogels over zien vliegen. En globaal allemaal in dezelfde richting, namelijk het zuiden. Vinken, piepers, lijsters, het vliegt allemaal over.

Met een beetje geluk vliegen ze niet door, maar komen even in uw tuin bijtanken. Het kan dus zo maar gebeuren dat er een groepje vinken of kepen onder de struiken aan het foerageren is.





'Europese Dag van de Paddenstoel'

De vierde zaterdag van september (28-9) is de 'Europese Dag van de Paddenstoel' (European Mushroom Day). Op deze dag worden er in heel Europa honderden activiteiten georganiseerd waarbij paddenstoelen centraal staan.

Doelen van de 'Europese Dag van de Paddenstoel' zijn:

- publieke belangstelling voor paddenstoelen vergroten
- kennis over paddenstoelen en schimmels vergroten
- activiteiten organiseren met betrekking tot paddenstoeleneducatie
- noodzaak van bescherming van leefgebieden van zeldzame en bedreigde  paddenstoelen onder de aandacht brengen
- traditionele volksnamen van paddenstoelen in de wereld verzamelen en beschermen

De eerste dag van de paddenstoel werd gehouden in 2016. Jaarlijks zal de 'eetbare paddenstoel van het jaar' bekend worden gemaakt en als thema voor het desbetreffende jaar gelden.

De Nederlandse Mycologische Vereniging (NMV) verzorgt de activiteiten in Nederland.

terug naar boven >>

   
 
   
   
   


https://wibnet.nl

Wijzer worden van het heelal? Bestaat er een stressvaccin? Is het mogelijk kraakbeenslijtage te stoppen? Altijd al willen weten waar de grootste waterval zich bevindt of waarom er seizoenen bestaan?

Dit en nog veel meer vindt u op deze website.


terug naar boven >>

   
       
   
   


Goudplevier
-Pluvialis apricaria
door Tiny van der Meer

Half augustus: Ze zijn er weer, de goudplevieren! Ik zie ze zitten tussen een groep kieviten. Altijd weer verrassend!

Naam
De Goudplevier dankt zijn Nederlandse naam aan de geelbruine bovendelen (inclusief stuit en staart). De Latijnse naam Pluvialis apricaria wordt door ornitholoog Lars Gejl in zijn spectaculaire overzichtsboek Steltlopers van Europa beschreven als ‘De regen roepende zonaanbidder’. Hij wordt ook 'goudregenfluiter' genoemd vanwege zijn zang of Wilster (Fr.)

Wilsterflappen
Wilster is de lokale naam voor goudplevier en wilsterflappen (Gr. en Fr.) staat voor de vangmethode. Dit wilsterflappen is al een oude vangtechniek. Er worden al wilsters geflapt op een schilderij uit 1625, dat tegenwoordig in het Zuiderzeemuseum hangt. In 1978 wordt deze vorm van commerciële vogelvangst verboden. De vogelaars, die in hun vrije tijd gewapend met kijker en ringtang, maar ook met fluit en wilsternet proberen de wilsters te vangen doen dit met evenveel passie als hun voorgangers. Voorzien van een ring van het Vogeltrekstation, laten ze ze weer vliegen. Op deze wijze blijft de oude vangtechniek behouden en kan een bijdrage leveren aan meer kennis over deze prachtige vogel.


Bron foto’s ringen en meten en tekst wilsterflappen: nazatendevries.nl

De goudplevier heet ook wel Euroaziatische goudplevier omdat er nog twee sterk gelijkende soorten goudplevieren bestaan: de Amerikaanse goudplevier (Pluvialis dominicus) en de Aziatische goudplevier (P. fulva).

Uiterlijk
De goudplevier is een vogel uit de familie van plevieren (Charadriidae).
Het is een stevig gebouwde vogel met lange smalle vleugels. De bijna kogelronde kop is vooral in de vlucht opvallend en heeft een vriendelijke uitdrukking. In het begin van het broedseizoen is het een opvallende vogel. In broedkleed is de volwassen vogel goudkleurig gespikkeld op de rug en kruin, met een zwarte buik, hals en kop en verder zwart tot aan het oog bij het mannetje. Bij juveniele vogels en vogels in winterkleed zijn het gezicht, borst en flanken geelbruin en is de buik wit. In de vlucht toont de bovenvleugel een witte vleugelstreep en zijn de ondervleugel en okselveren wit. Tegen de tijd dat hij in Nederland aankomt, is nog maar een enkele vogel getooid in dat schitterende broedkleed. In de winter is het zwart verdwenen en zijn de bovendelen bedekt met een fijn gouden vlekkenpatroon. Op de kale akkergrond vallen goudplevieren ‘s winters nog minder op dan op zandige oevers. Het goudbruin van hun verenkleed blijkt een uitstekende schutkleur.

Doortrekkers en overwinteraars
Goudplevieren trekken vanaf augustus, maar vooral in oktober en november in zuidwestelijke richting, naar West- en Zuidwest-Europa; ook naar Zuid-Europa en zelfs Noord-Afrika. Onder invloed van vorst vindt ook later in het jaar nog trek plaats, zowel overdag als 's nachts.

Goudplevieren zijn in Nederland vooral van september tot april te zien, wanneer grote aantallen neerstrijken op weilanden en akkers. Ze zijn vaak in gemengde groepen met kieviten op zoek naar voedsel. De grootste concentraties bevinden zich dan in het Waddengebied en open boerenland, met name vochtige graslanden maar ook bouwland, stoppelvelden en kale akkers in het westen en noorden van het land. Ze verkiezen droge grond en zijn zelden wadend te zien in ondiep water. Van de honderdduizenden doortrekkers blijven er in het najaar in zachte winters enige tienduizenden in ons land ‘hangen’. Die goudplevieren verblijven dus de hele winter in ons land. En dus geldt: hoe strenger de winter, hoe minder goudplevieren in ons land.

Voedsel
Goudplevieren eten vooral wormen (regenwormen) maar ook insecten, spinnen, larven van langpootmuggen (emelten) en kevertjes. Het zijn echte oogjagers; ze zoeken hun voedsel op typische plevierenmanier: rennen-stilstaan-pikken. In maanlichte nachten foerageren ze ook 's nachts. Op het wad eten goudplevieren vooral wadpieren, zeeduizendpoten, kokerwormen, kleine krabben en schelpdiertjes. In hun broedgebied eten ze ook bessen.

Geluid
Meestal wordt de melancholische typische fluitroep: ‘puuu of puuu-wie’ van de
goudplevier gehoord tijdens de trek. In de broedtijd laat de vogel een kenmerkend en treurig klinkende zang horen.

Broeden
Goudplevieren broeden in Schotland, IJsland en Scandinavië in uitgestrekte open heide en hoogvenen. Zelfs in Noordwest-Duitsland broeden nog goudplevieren op heidevelden. Het nest (kuiltje) ligt in de vochtige heide of toendra, de vier eieren worden door het vrouwtje bebroed terwijl het mannetje op wacht staat. De eieren komen na vier weken uit. De jongen zijn nestvlieders die na vier weken verzorging zelfstandig zijn. Sinds de jaren dertig zijn er geen broedvogels meer in Nederland door verlies van zijn biotoop (open heide en hoogveen). Het laatst vastgestelde broedgeval was in Budel in 1974. De goudplevier staat op de rode lijst.

Plan Goudplevier
Met veel tam-tam presenteerde Natuurmonumenten in 1992 Plan Goudplevier in Drenthe. Door aankoop van zeshonderd hectare landbouwgrond in de zuidwesthoek van Drenthe, zouden vier bestaande natuurterreinen aan elkaar worden gesmeed, waardoor een groot gebied zou ontstaat van ruim duizend hectare. Zo hoopte men de goudplevier als broedvogel weer terug te krijgen. Helaas is daar, mede vanwege de extreem hoge kosten voor de natuurontwikkeling van dit gebied, niets van terechtgekomen.

terug naar boven >>

   
     
   
   


Woensdag 11 september 2019 - Nazomeren op landgoed Duivenvoorde

Op woensdag 11 september kunt u met IVN Natuurgids Ria Hoogstraat nazomeren op het landgoed. We gaan op zoek naar bloemen, vruchten en zaden. Hoe  verspreiden die zaden zich? Als de zon schijnt zijn er ook nog insecten actief zoals bijen, hommels, vlinders en libellen. Laat u verrassen door de sfeer op dit mooie oude landgoed.

Kinderen zijn van harte welkom, ze krijgen extra aandacht van de gids.
Verzamelen om 14.00 uur op de parkeerplaats, tegenover de beheerderswoning Laan van Duivenvoorde 1, Voorschoten.

Toegang 1 euro, contant te betalen aan de gids of pinnen bij de automaat.
De wandeling duurt ongeveer anderhalf uur. Het park is verboden voor honden. Info tel. 070 - 3279349 of www.ivndenhaag.nl.

terug naar boven >>

   
     
   
   


Bedreigingen van bos

Duitsland vreest het verlies van 120.000 hectare bos. Door droogte, hoge temperaturen, bosbranden, stormen en kevers sterven er veel bomen in Duitse bossen. Als er niks wordt ondernomen, neemt de bomensterfte enorm toe.

Volgens natuurorganisatie Schutzgemeinschaft Deutscher Wald is er al 120.000 hectare bos verloren gegaan. Een van de grootste bedreigingen is de schorskever, een insect dat tussen het schors en het hout van de boom leeft en daardoor de boom beschadigt. Vooral sparren worden aangetast. Door verandering in het klimaat rukt de schorskever op.

Minister Klöckner van Landbouw voerde in augustus met bosbouwministers overleg over een masterplan om de bedreigde bossen beter te beschermen als voorbereiding op het nationaal topoverleg over hetzelfde onderwerp in september. Hij heeft al om 500 miljoen euro uit het Energie- en Klimaatfonds gevraagd voor een herbebossingsprogramma.

Bron: Focus Online

terug naar boven >>

   
   
   
   


Kappen bomen in boswachterij Kootwijk
(helaas, toch weer kappen! red.)

Staatsbosbeheer gaat, los van de reguliere houtoogst, de komende maanden op ten minste twaalf locaties bomen kappen in boswachterij Kootwijk. Het gaat om projecten met als doel de veiligheid van wandelaars en verkeer te waarborgen, schade bij natuurbranden te beperken en de natuurwaarde in de gebieden te versterken.

Op verschillende plekken maken dennen plaats voor loofhout. Die loofbomen moeten als een soort 'brandsingel' gaan functioneren. Staatsbosbeheer kapt ook fijnsparren. De bomen zijn verzwakt, omdat ze aangetast zijn door de letterzetter. Dieper het in bos blijven zwakkere bomen wel staan, omdat ze voor het publiek geen gevaar opleveren.

Op andere plekken kapt Staatsbosbeheer om zandverstuivingen in stand te houden, zoals op het Kootwijkerzand. Door bomen te verwijderen, krijgt de zuidwestenwind die over het terrein waait meer de vrije hand en gaat het zand ook weer meer stuiven.

Bron: Barneveldse Krant

terug naar boven >>

   
       
   
   



Ernst Haeckel - Kunstvormen in de Natuur
t/m 3 november 2019

Ter ere van zijn 100ste sterftejaar belicht Teylers Museum de wonderlijke beeldwereld van de Duitse zoöloog en kunstenaar Ernst Haeckel (1834-1919).

Haeckel was een van de belangrijkste wetenschappers van zijn tijd én een zeer begenadigd tekenaar.
Net als zijn grote helden Goethe en Von Humboldt wilde hij de natuur in haar grote samenhang doorgronden.

Adres: Teylers Museum, Spaarne 16, 2011 CH Haarlem
Meer info: klik hier


Natuurmuseum  Klaas Nanninga

Wat ooit begon als de schelpjesverzameling van een 10-jarig jongetje dat jaar in jaar uit op Schiermonnikoog kwam, is na 50 jaar uitgegroeid tot een prachtige natuurverzameling.

De schelpen bleven, maar er vanuit de hele wereld kwamen er opgezette vissen, vogels, vlinders, kevers, schildpadden, zeesterren, koraalvisjes, krabben en noem maar op. Je ziet wonderlijke dingen zoals een vogelbekdier, de gouden kauri, opgezette draakjes, een narwaltand, paradijsvogels, juweelkevers, vliegende kikkers, kattenmummies, glassponzen en nog veel meer bijzondere vondsten uit de hele wereld. 
                               
Museumbezoek is mogelijk op verzoek, de hele dag, ook 's avonds. Zondags gesloten. U kunt Klaas Nanninga mailen of bellen voor een afspraak om alleen of met meerdere personen langs te komen. Het museum is ook geschikt voor groepen tot ongeveer 10 personen, grotere groepen graag in overleg.

De schelpenkastjes waar het ooit mee begon. 

Adres: Klaas Nanninga, Korreweg 70, 9715 AE Groningen
Tel: 050 5770903
Meer info: klik hier

terug naar boven >>

   
       
   
   


Reageren op NNN

Voor reacties op de inhoud van NatuurNetNieuws, uw waarnemingen, natuurnieuws en vragen over de natuur, mail naar: tiny@groen-natuurlijk.nl
Voor het wijzigen van uw e-mailadres (vermeld ook uw oude e-mailadres!) of afmelden voor de nieuwsbrief mail naar: info@groen-natuurlijk.nl

Voor het aanmelden als abonnee op NatuurNetNieuws kijk op: www.groen-natuurlijk.nl/natuurnetnieuws.html
U kunt NatuurNetNieuws doorsturen aan belangstellenden. Ook overnemen van informatie is toegestaan, mits u duidelijk vermeldt: Bron: NatuurNetNieuws, uitgave van platform GROEN!natuurlijk:
www.groen-natuurlijk.nl

Behalve voor u is er ook een nieuwsbrief (NatuurNetNieuwsJunior) voor uw (klein)kinderen in de basisschoolleeftijd met een verhaaltje, veel informatie over dieren en/of planten (handig voor een spreekbeurt) en uittips voor kinderen.


Net zoals u gratis abonnee bent van NatuurNetNieuws, kunt u of kunnen zij zich ook gratis abonneren op NatuurNetNieuws Junior. U hoeft alleen maar een mailtje te sturen naar: info@groen-natuurlijk.nl

Natuur Net Nieuws Junior komt zes keer per jaar uit!

terug naar boven >>


   
   

Volg ons ook op Facebook

O
nze Nieuwsbrief verwijst soms naar websites van derden. We hebben geen controle over de aard, de volledigheid noch de juistheid van de informatie op deze websites en zijn daarom niet aansprakelijk voor de inhoud van deze sites.