Flora en fauna
- Eikhaas
- Europese haas

Natuurnieuws
- Omvormen landbouwenclaves

- Ruimte voor vissentrek

Natuur Uit en Thuis
- UIT: wild

- THUIS: oranje


Natuur kort
- Wasberen

- Natuur op de schop

- Informatiecentrum Bodemdaling

Natuurexcursie
- Doorstapwandeling Leidschendam

Boekennieuws
- In een groen knollenland

Website van de maand
- www.natuuralertnederland.nl

 


Dieren in weerspreuken (november)
- 6 spreuken

Natuur Plus

-
Kramsvogel

Bomenweetjes
- Oude Malebossen

Uit-tips
-
Saskia Boelsums – Landschappen
- Tijd & Eeuwigheid – Poëzie in beeld en woord
- Spectacle
- De Groene Camera 2021

 
NB. De links in onderstaande teksten zijn vet gedrukt en hebben een groene kleur.
 

 
   
   
   


Eikhaas - Grifola frondosa

Eikhaas is een in Nederland vrij zeldzame eenjarige gaatjeszwam. Deze parasitaire paddenstoel tast de wortels van levende bomen aan en veroorzaakt witrot. Onmiddellijk gevaar voor de boom is er niet, want de zwam kan jarenlang verschijnen zonder dat zijn gastheer er opvallend onder lijdt.

Grifola betekent 'gevlochten', Frondrosa betekent ‘vele of grote bladeren dragend’ wat duidt op de vorming van de grillige hoeden vanuit een centrale, meervoudig vertakte steel. Ze zijn leerachtig, spatelvormig en puur wit tot grijsbruin. Ze verschijnen van eind augustus tot in november. Als de vorst invalt, is het vaak gedaan met deze paddenstoel. Doordat ze zo vertakt zijn, vormen ze een uitstekende schuilplaats voor beestjes en insecten.

De als een berg bladeren elkaar overlappende hoeden geven een effect van dansende vlinders. Eikhaas wordt ook wel ‘de dansende paddenstoel’ genoemd. In de Japanse benaming Maitake is ‘mai’ (dansen) en take (paddenstoel). In Engeland noemt men hem: Hen-of-the-Woods, Ram's head en Sheep's head. In Duitsland Klapperschwamm. Ook de Fransen kennen een ‘Poule des bois’. Jonge exemplaren van de eikhaas zijn eetbaar.

In de traditionele Chinese geneeskunde wordt de maitake of eikhaas toegepast onder de naam ‘keisho’ en wordt de paddenstoel veel gezondheidsbevorderende eigenschappen toegekend.

Europese haas

Nog een haas, maar nu een die gelukkig nog niet zeldzaam is, al staat hij inmiddels als ‘gevoelig’ op de Rode Lijst. De minister heeft beslist dat hazen in het seizoen 2021/2022 toch nog bejaagd mogen worden (de jacht is op 15 oktober weer geopend). Als na onderzoek blijkt dat de soort in het geding is, zal de jacht voor seizoen 2022/2023 worden gesloten.

Een vluchtende haas kan een snelheid van 60 km per uur bereiken. De kracht van de snelheid zit hem in zn achterpoten. Deze zijn sterk ontwikkeld en voorzien van krachtige spieren. Hiermee kan hij sprongen maken van meer dan een meter en springt met gemak over een sloot. Hij kan ‘haken slaan’ (ineens 90 graden van richting veranderen) om te ontsnappen aan belagers zoals buizerds, uilen en vossen maar tegen een drijfjacht is natuurlijk geen kruid gewassen.

Een haas heeft heel grote oren (lepels) met een zwarte punt, grote ogen aan weerzijden van z’n kop en een gigantische snuit. Niet alleen zijn gehoor, maar ook zijn zicht en zijn reukvermogen zijn sterk ontwikkeld. Hazen kunnen met hun ogen 360 graden zien en zich zo een compleet beeld van de omgeving vormen. Zijn oren kan hij 190 graden draaien, zodat hij vanuit elke richting geluid kan opvangen. Met zijn sterk ontwikkelde neus vangt hij geuren op. Niet alleen van belang voor de jacht, maar ook voor de voortplanting. Zijn snorharen helpen hem om in het donker de weg te vinden.
Hazen behoren niet tot de knaagdieren, maar tot de haasachtigen (of dubbeltandigen), een aparte diergroep. Van boven is hij geelbruin aan de onderzijde grijzig wit van kleur. Hij weegt 3-7 kg. Ze eten vooral grassen, kruiden, klaver, wortels, appels, bladeren, wormen en akkerbouwproducten. Bij veel sneeuw of strenge vorst eten ze ook knoppen en loten van struiken en schors.

Als een haas in zijn leger ligt (kuiltje in het veld waar hij rust en waar de jongen ter wereld komen) zijn meestal enkel zijn kop en rug zichtbaar. De haas slaapt zo licht dat hij door iedere trilling van de bodem wordt gewekt. Een slaapperiode duurt zelden meer dan een paar minuten. Tussen eind januari en oktober worden zo'n drie nesten met 2-3 jongen geboren. Pasgeboren haasjes zijn volledig behaard en hebben hun oogjes open. Ze zijn geheel geurloos, zodat roofdieren als vossen ze niet kunnen ontdekken. Al na één of enkele dagen verlaten de haasjes de geboorteplek. Ze komen daar elke dag, drie kwartier na zonsondergang, weer terug. De moeder komt meestal een kwartiertje later om ze te zogen, totdat de haasjes ongeveer een maand oud zijn.

terug naar boven >>

   
 
   
   


Omvormen landbouwenclaves

Het voornemen van de provincie Gelderland om eeuwenoude landbouwenclaves op de Veluwe tot natuur om te vormen kan catastrofale gevolgen hebben voor de biodiversiteit.

De landbouwenclaves moeten vanzelfsprekend gevrijwaard worden van intensieve veehouderij, zware drijfmestgiften, kunstmest en pesticidengebruik, maar vormen vanuit de oudheid met mest en bekalking oases voor foeragerende dieren op zoek naar mineralen en bodemfauna. Dat stelt de Vereniging Nederlands Cultuurlandschap (VNC).

Foto: Vroege Vogels / J.W. van de Griendt

Door stalmest en bekalking zijn deze enclaves de enige plekken op de Veluwe waar de mens iets terug gaf. Ze zijn daarmee door hun rijkdom aan mineralen en bodemfauna onmisbaar voor de biodiversiteit en bieden een tegenwicht aan de verzuring en ontkalking van het gebied. Stichting GraanGeluk is hiervan een prachtig voorbeeld, waar chemievrij, traditiegetrouw en biodiversiteitsrijk geboerd wordt, en waar de vele houtwallen aan duizenden dier- en plantensoorten bestaansgrond bieden. Maar in plaats van dit belangrijke initiatief te omarmen dient GraanGeluk te wijken voor nieuw aan te planten bos of verwildering met grote grazers. Aan deze biotooptypen is op de Veluwe inmiddels geen gebrek, terwijl juist de bloemrijke weides en akkers in de landbouwenclaves, omzoomd door houtwallen en andere landschapselementen, een lustoord zijn voor flora en fauna, te midden van het versnipperde en ontregelde natuurgebied.

terug naar boven >>

 


ruimte voor vissentrek

Vissen zwemmen voortaan makkelijker van de Waddenzee naar de binnenwateren op Ameland. Wetterskip Fryslân legde hiervoor een nieuwe persleiding aan naar de vispasseerbare duiker in de Waddenzeedijk.

Dit zorgt voor een vrijwel continue lokstroom van zoet water. Hierdoor trekken vissen vaker door de visduiker van de zoute Waddenzee naar het zoete binnenwater en omgekeerd. Het werk kostte ruim 1 miljoen euro.
De 70 meter lange duiker, een grote betonnen holle koker (gebouwd in 2017), ligt bij de Ballumerbocht 5 meter onder de kruin van de Waddenzeedijk. Hiermee wordt overtollig water uit de achterliggende polder naar de Waddenzee afgevoerd. Op die momenten kunnen vissen zoals paling, glasaal, zeeforel, bot, stekelbaars en rivierprik, naar binnen of buiten zwemmen. Met de afvoer van gezuiverd afvalwater door de duiker ontstaan er veel meer momenten waarop dat kan.

Het waterschap legde bij de duiker een verdeelput aan. Het gezuiverde water stroomt kort voor de duiker de verdeelput in. Vanuit hier stroomt het water door de duiker of buiten de duiker om het wad op. Als de waterstand op de Waddenzee hoger is dan het polderpeil, kan de regelschuif aan de binnenkant van de duiker op een kier worden gezet. Vissen kunnen ook vanuit de polder de koker inzwemmen en bij laagtij het wad bereiken.

Bij de werkzaamheden werd ook de dijksloot over een lengte van circa 600 meter visvriendelijker gemaakt. De vissen bereiken deze sloot na het passeren van de duiker. De ondiepe stukken in de sloot werden dieper gemaakt. Er ontstaat zo een geschikte leefomgeving voor vissen om te paaien, zich voort te planten, op te groeien en te schuilen.
Wetterskip Fryslân gaat de trek van vissen door de duiker de komende jaren monitoren.

Bron: Wetterskip Fryslân

   
   
   
   


Elke maand schrijf ik een stukje over iets wat ik in de afgelopen maand heb gezien tijdens een van mijn wandelingen.
UIT: ergens in het land.
THUIS: Maasland (ZH) en omstreken.

Tiny van der Meer


NATUUR uit: wild

‘Spiedvogel, een wandeling voor wildspeurders’. Dat klinkt veelbelovend! De Edense hei is versierd met bedauwde hangmatjes, waar hangmatspinnetjes ondersteboven, hangend onder hun web, wachten op een smakelijk prooidier.

M’n eerste ‘wild’. Na de twee schaapskooien van de Edense schaapskuddes (met een paar zeer makke schapen) klauter ik na het bordje met de waarschuwing ‘verboden te vissen; betreden op eigen risico’ over het hekwerk naar de vlonder die rond de Kreelse plas ligt. Voorzichtig! Die waarschuwing staat er niet voor niets. Sommige delen zijn spekglad! Maar oh… wat is het er mooi!

Dichter Ton Luijten verwoordde het zo:

Hier wordt de stilte hoorbaar in het water
het alledaagse is in deze atmosfeer
verbonden met verhalen van weleer
de tijd lijkt stil te staan al wordt het later

Wij zijn en blijven in ons dagelijks leven
als wandelaars op zoek op onze doorreis
naar iets waaruit wij eertijds zijn verdreven

Hier levert de natuur haar zoveelste bewijs
dat wij verdwaald zijn al is het maar voor even
in een verborgen uithoek van het paradijs.

Een groep luidruchtig kwebbelende dames verstoort ruw de stilte in dit verborgen paradijs waardoor zowel ik als een mandarijneendje een haastig heenkomen zoeken. Bij de plas van Gent bespied ik vogels vanachter een kijkscherm. Er is zelfs kans op het zien van een ijsvogeltje vermeldt de routebeschrijving! Maar nu dus even niet(s). De heide is hier nog prachtig! Een kleine vuurvlinder profiteert van de laatste bloemen.

Ach, dat wild, wat maakt het uit. Ik heb al zoveel moois gezien! Toch maak ik nog even een klein uitstapje naar het wildobservatiescherm. Wie weet… Er klopt iets niet. Ik ben een paadje te vroeg ingeslagen, geen scherm, waar ik me achter kan verschuilen, maar wel een weide waar vijf wilde zwijnen rustig grazen! Ik loop behoedzaam iets dichterbij.

Zonder ze te verstoren maak ik van grote afstand een paar foto’s en loop stilletjes terug naar het pad. Opeens zetten ze het toch op een rennen! Ze steken snel het pad over en verdwijnen in het bos… Even later hoor ik de reden van hun vlucht… Opnieuw: een groep snaterende dames, het enige ‘wild’ waar ik nu net NIET op zit te wachten!


NATUUR thuis: oranje

Er duikt een vogeltje in de wilde kers in m’n tuin. Zo razendsnel dat ik niet zie wat het is. Een mus is het zeker niet! Een koolmees ook niet, maar wat dan? Ik wil hem op de foto zetten, maar of hij het in de gaten heeft… hij laat zich alleen zien als ik er niet op bedacht ben. Opeens… daar zit hij. Ik moet zeggen ‘zij’, want het is het vrouwtje van de gekraagde roodstaart! Ze heeft een prachtig oranje lijfje en een roestrode staart en zit zowaar even rustig op de tuinpoort van de buren. Haar staartje trilt op en neer, ze zit geen seconde stil. Ik maak een foto door dubbelglas. Beter iets dan niets!

Als ik wat later in de polder loop zie ik opnieuw oranje. Snel? Beweeglijk? Wegvliegen? Ho maar… dit dier zit met haar brede lijf klem in een te smalle sloot. Gelukkig weet ik wie de eigenaar is van deze onfortuinlijke dame. Ik waarschuw hem, dus dat komt wel weer goed.

Waar het niet meer goed mee komt, is de dode jonge muskusrat die ik achter een boerenlandhek zie liggen. Ik klim over het hek, bewonder z’n staart en de indrukwekkende nagels aan z’n achterpoten.


De meningen zijn verdeeld over de (manier van) bestrijding, maar niets doen is geen optie. Ze graven holen en gangen in dijken en maken nesten met uitgebreide ondergrondse gangenstelsels. Aan het begin van deze eeuw werden er nog rond de 400.000 muskusratten gevangen. In 2020 waren dat er nog 48.000. Toch bijzonder dat ik dit mooie beestje van heel dichtbij kon bekijken.
terug naar boven >>

   
 
   
   
   

Wasberen

De afgelopen 2 jaar zijn 46 wasberen in Limburg gevangen en opgevangen bij stichting AAP. Deze aanpak wordt de komende 2 jaar voortgezet met als doel de resterende dieren van de populatie van deze invasieve uitheemse soort uit de Limburgse natuur te verwijderen. 

De wasbeer is een uitheemse diersoort die door menselijk handelen in de natuur terecht is gekomen en lokaal een bedreiging kan vormen voor inheemse dieren.



In Zuid-Limburg is sinds eind 2017 een populatie wasberen gevestigd, vooral rondom Sittard en Maastricht. De Zoogdiervereniging schat in dat er nog 17 tot 36 wasberen in de Limburgse natuur leven. Ook die dieren wil de stichting AAP opvangen zodra ze zijn gevangen.

Bron: Provincie Limburg

 


Natuur op de schop

Waterschap De Dommel is op diverse plekken aan het werk in het zuidoosten van Brabant. De werkzaamheden vinden met name plaats in twee Natura 2000-gebieden Kempenland-West en het gebied Leenderbos, Groote Heide & de Plateaux.

Daarbij worden onder meer de waterlopen de Reusel, de Run, de Tongelreep en de Oude Strijper Aa aangepakt. De werkzaamheden - die miljoenen euro's kosten - hebben volgens het waterschap en de provincie ingrijpende gevolgenvoor de directe omgeving.



Bijvoorbeeld omdat gebieden natter moeten worden, omdat de stikstofneerslag op de natuur moet worden beperkt óf omdat de loop van de beek wordt verlegd.

Bron: Eindhovens Dagblad,




informatiecentrum bodemdaling

Het Mobiele Informatiecentrum Bodemdaling is een tiny cabin, gemaakt van onder meer lisdodde en zwarte els, gewassen die groeien op een natte veenbodem.

Het mobiele huisje is een reizende expositie waar inwoners, ondernemers en agrariërs kunnen zien wat de effecten zijn van bodemdaling. De eerste plaats waar het nu is te bezoeken is Tuincentrum de Bosrand in Woerden.

Filmpje: klik hier
Meer info: klik hier

terug naar boven >>

   
 
   
   
   


Natuurwandeling door Leidschendam

Op woensdag 10 november gaat IVN Natuurgids Ria Hoogstraat weer op stap in de natuur. Het wordt een lekkere doorstapwandeling door Leidschendam die geschikt is voor goede lopers, ook wat grotere kinderen zijn welkom. Verzamelen om 14.00 uur bij de ingang van Park Rozenrust, Veursestraatweg 102 A, bij het huis 'De Parkwachter'.

De wandeling gaat dwars door het groene hart van de wijken ’t Lien en De Rietvink en eindigt weer bij het startpunt.
De wandeling duurt ongeveer anderhalf uur.
Bereikbaar met bus 45, halte Rozenrust.

Aanbevolen: stevige schoenen en warme/waterdichte kleding.

Info: www.ivndenhaag.nl of 061822 5941 of 070 - 327 9349.

terug naar boven >>

   
 
 
   
   


In een groen knollenland

De veelbekroonde schrijfster Bibi Dumon Tak heeft op basis van haar eigen ervaringen en grondig onderzoek een schotschrift tegen de jacht geschreven met de titel In een groen knollenland.

Dumon Tak verbaast zich in het boek over de gesloten jagerswereld die haar eigen regels lijkt te schrijven en via intensieve lobby wetgeving naar haar hand zet en grote aantallen onschadelijke en weerloze dieren naar de eeuwige jachtvelden helpt. Het boek is te koop bij de lokale boekhandel.

ISBN : 9789044545982
Uitvoering : Paperback
Aantal pagina's : 184


terug naar boven
>>


   
   
   
   


https://natuuralertnederland.nl

Stichting NatuurAlert Nederland is in het leven geroepen door een gemengd gezelschap van deskundigen op het gebied van natuurbeheer, activisten, juristen en politici van uiteenlopende politieke kleur.

Wat hen bindt is de overtuiging dat de natuur in Nederland beter kan en moet worden beschermd.


terug naar boven >>

   
 
   
         
   


terug naar boven >>


   
   
   
   


kramsvogel - Turdus pilaris
door: Tiny van der meer

Wintergast
Als je in de herfst een driftig 'tsjak-tsjak-tsjak...' hoort, dan weet je dat de kramsvogels weer zijn neergestreken in Nederland als doortrekkers en wintergasten. De rest van het jaar kom je ze niet tegen, maar in november trekken ze vanuit het noorden massaal door Nederland. Het vermoeden bestaat dat ze van oorsprong alleen in Siberië voorkwamen in de Taigabossen, maar zich in de loop der jaren naar alle richtingen hebben uitgebreid. (Foto: Leo Janssen)

In de jaren ’80 van de vorige eeuw waren er bijna 1000 broedparen in Nederland. De (nu nog zeer schaarse) in Nederland broedende kramsvogels (± 40 paren in 2013) trekken 's winters weg naar België en Frankrijk. De vogels die je hier in de winter tegenkomt zijn meestal gasten van het Scandinavisch Schiereiland. Het zijn geen langeafstandstrekkers. Veel kramsvogels uit Noord- en Oost-Europa komen naar Nederland om hier te blijven of om verder zuidelijk door te trekken. Dat begint in september tot ver in november. Bij een langdurige oostenwind tijdens de trektijd worden grote aantallen onze kant op gedreven.
Bij andere weersomstandigheden belanden ze in Zuidoost-Europa. In het voorjaar trekken de vogels weer naar het noorden vanaf februari tot begin mei, met het hoogtepunt eind maart.

Uiterlijk
De kramsvogel is familie van de merel en de lijster, maar hij is veel kleuriger. Zijn grijze kop en stuit steken mooi af tegen de opvallend gespikkelde, oranjegele borst. Zijn buik is wit en zijn vleugels en rug bruingrijs. De staart is donker, bijna zwart. Een kramsvogel is, met zijn 26 cm, even groot als een merel.

Naam en geluid
De kramsvogel heeft een heel kenmerkend geluid. Het is een snel kakelend 'tjak-tjak-tjak..'. Door dat geluid wordt hij ook wel eens veldtjakker of tjakker genoemd. Zijn alarmroep is een luid knarsend ‘trrrtrrrtrrrt'. In Drenthe noemen ze hem Schatliester of Schatterliester vanwege zijn schetterend geluid. Het Friese Blaukop wijst op de leiblauwe kleur van de kop. De naam Laplandertje zegt iets over z’n broedgebied in het hoge noorden. Al in de 16e eeuw werd hij krometvogel genoemd, een naam uit een Duits dialect. De officiële Duitse naam voor de vogel is Wacholderdrossel. De wacholder is de jeneverbes. In sommige streken heette die struik kramat waaruit de naam kramatsvogel, krom(e)tvogel en krammetsvogel kon ontstaan. Het lijkt er op dat de kramsvogel genoemd is naar zijn voedsel: jeneverbessen. Maar is dat wel zo? Onderzoekingen hebben aangetoond dat kramsvogels veel meer houden van lijsterbessen, mei- en duindoornbessen. Dat vlierbessen eveneens op het menu staan toont de naam Vlierscheut (NB Kempen).

Waarschijnlijker is dat de kramsvogels met de jeneverbes in verband worden gebracht omdat ze met jeneverbessen werden gekruid en gegeten! Vroeger vingen de bewoners van de waddeneilanden in de herfst ook kramsvogels en andere lijsterachtigen met strikken om ze als delicatesse te verkopen. Gelukkig worden ze nu met rust gelaten.

Leefgebied
De kramsvogel heeft een voorkeur voor een vochtige en koele leefomgeving zoals een halfopen cultuurlandschap met vochtige graslanden, boomgroepen, parken en tuinen en wordt aangetrokken door gemengde, halfopen, naald- en loofbossen. In Fenno-Scandinavië broedt zo'n 60% van de in totaal ongeveer 4,4 tot 8,7 miljoen Europese broedparen. In de broedgebieden met grote hoogteverschillen, wordt vaak de koelere noordkant van de heuvels of rotsen opgezocht.

Broeden
Het broedseizoen dat begint in april, in het hoge noorden zelfs later, duurt tot juli. Het nest wordt veelal in struiken en bomen op grotere hoogten gebouwd. Het bestaat uit samengevlochten gras en twijgjes, wordt met leem verstevigd en na droging aangekleed met zachte materialen van diverse soorten. Verdeeld over twee legsels per jaar worden er zo’n tien tot twaalf roodgestippelde, lichtblauwe eieren uitgebroed. De jonge vogels zitten zo’n 13-16 dagen op het nest en zijn na enkele dagen vliegvlug en na 30 dagen volledig zelfstandig.

Kolonie
De kramsvogel is een buitenbeentje in de lijsterfamilie, waar ook de merel toe behoort. Het is de enige lijsterachtige die in kolonies broedt. Ze beschermen hun kolonie op een heel speciale manier. Ze zoeken veiligheid bij elkaar en waarschuwen elkaar met luid getsjak bij naderende vijanden. Ze hebben vooral te duchten van kraaiachtigen die op hun eieren en jongen uit zijn. Kramsvogels vallen hun belagers in groep aan en poepen die soms zo zwaar onder dat ze niet meer in staat zijn om te vliegen. Vooral zwarte kraaien, sperwers en buizerds worden op deze manier aangepakt. Ze mogen met recht schijtlijsters genoemd worden. Eksters en gaaien worden gewoon achtervolgd.

Voedsel
Kramsvogels foerageren in Nederland op weilanden op de bekende lijstermanier. Hippen, stilstaan, een regenworm pakken (die op het gehoor wordt gelokaliseerd) en weer doorgaan. Het voedsel bestaat in het voorjaar en in de zomer in hoofdzaak uit regenwormen en verder uit slakjes, spinnen, rupsen, sprinkhanen, kevertjes en andere insecten. Eenmaal hier kunnen ze in de herfst in enorme groepen door boomgaarden struinen, op zoek naar valfruit dat is blijven liggen. Ze zijn dol op bessen en appels. In de duinen vinden ze ook een rijk gedekte tafel en doen ze zich tegoed aan allerlei wilde bessen die in het late najaar nog te vinden zijn, zoals vlier-, meidoorn-, sleedoorn-, egelantier-, liguster- en duindoornbessen. Na het eten van gistende duindoornbessen, wordt soms beweerd dat ze dronken rondlopen.

De kramsvogel staat op de Rode Lijst van Nederlandse broedvogels.

In 'Uitvogelen met Camilla' licht zij iedere maand een bijzondere vogel uit.
Filmpje van de kramsvogel: klik hier

Lijsters- en Bessentelling - Doe je mee?!

Kijk tot 12 november of er lijsters in je tuin komen die bessen eten. Het gaat om de volgende soorten: beflijster, merel, zanglijster, grote lijster, kramsvogel en koperwiek.

Geef je waarnemingen door via het evenement
Lijsters- en Bessentelling op: klik hier

Meer info: klik hier

terug naar boven >>

   
 
   
 



oude malebossen

Op de Nederlandse zandgronden bereikte het bosbestand rond 1800 een dieptepunt. Opgaande bossen waren er nauwelijks meer. Ze waren ontgonnen tot landbouwgrond of veranderd in heide of stuifzand. Maar op de Veluwe bestonden nog bossen die de tand des tijds hadden doorstaan: de malebossen. Deze zeer oude bossen bestaan nog steeds, en in delen ervan staan nog dezelfde bomen als rond 1800. Door hun ouderdom hebben ze een bijzondere vegetatie. Ze onderscheiden zich ook landschappelijk van de jongere bossen.

Rechts, Malebossen nu: boombos met dansende bomen.

Het oude beheer van de maalmannen heeft landschappelijk een goed herkenbaar bostype nagelaten: boombos. Boombos is een oude aanduiding voor opgaand bos. Dat was in de negentiende eeuw een uiterst zeldzaam bostype, omdat toen vrijwel al het Nederlandse bos uit hakhoutbos bestond. Een groot deel van het boombos in Nederland stond op de Veluwe. Veel van dat boombos is inmiddels gekapt of vervangen, maar in de oude malebossen zijn er nog stukken van te zien. In het boombos staan bomen die er onder het beheer van de vroegere maalschappen ook al stonden. Vroeger waren dat vooral eiken, maar die zijn onder invloed van de dominante beuk in aantal verminderd. Het boombos is nu te herkennen aan de kromme stammen, de lage takinzet en de hoge moskragen aan de stammen. Vanwege de beweeglijk ogende bomen wordt dit wel het bos van de dansende bomen genoemd.

Landschapsbiografie van de Veluwe
Toegevoegd aan de (digitale) bibliotheek: een zeer lezenswaardige publicatie van het Ministerie van OCW over de Veluwe.

Te downloaden: Landschapsbiografie van de Veluwe, Historisch-landschappelijke karakteristieken en hun ontstaan.
Klik hier

Bron: Rijksdienst voor cultureel erfgoed, Minsterie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en staatsbosbeheer

terug naar boven >>

   
   
   
   
   
   


Saskia Boelsums – Landschappen - t/m 9 januari 2022

In 2020 werd fotograaf Saskia Boelsums uitgeroepen tot Kunstenaar van het Jaar. Haar werken overstijgen de fotografie en doen denken aan schilderijen.

Overweldigende landschappen en imposante wolkenluchten herinneren aan de Hollandse meesters uit de 17e eeuw. En met de nadruk op atmosfeer en de grilligheid van het licht toont ze zich een ware impressionist. De foto’s van Saskia Boelsums zijn in één woord, betoverend.

Beeld: Saskia Boelsums

Stadsmuseum Harderwijk

Adres: Donkerstraat 4, Harderwijk
Meer info: klik hier


Tijd & Eeuwigheid – Poëzie in beeld en woord - t/m 30 januari 2022

De driedimensionale papierkunstobjecten van Annita Smit, de gedichten én Kronas eigen collectie werken op elkaar in: de poëzie van Gershwin Bonevacia, Babs Gons, Marjolijn van Heemstra, Iduna Paalman en Mustafa Stitou hangt in Tijd en Eeuwigheid gedrukt tussen de papierkunstobjecten en de laatmiddeleeuwse kunst van het klooster.



Samen vertegenwoordigen de dichters een nieuwe generatie die lezers roert met uit het leven gegrepen alledaagse onderwerpen die dicht bij huislijken te zijn: meditatie voor museumbezoekers.
 

Filmpje: klik hier

Museum Krona

Adres: Veghelsedijk 25, 5401 PB Uden
Meer info: klik hier


Spectacle - t/m 30 januari 2022
Foto: Paul Nicklen

'Spectacle' is een prachtige fototentoonstelling die even opmerkelijke als onvergetelijke beelden laat zien. De foto’s belichten momenten van feest en momenten van volslagen chaos.

Ze tonen indrukwekkende dieren en planten en laten onze aarde in al haar glorie zien – en benadrukken de noodzaak om haar wonderen te beschermen.
Laat je inspireren en verwonder je over deze mooie en opmerkelijke planeet waarop wij met z’n allen leven!

Museon

Adres: Stadhouderslaan 37, Den Haag
Meer info: klik hier


De Groene Camera - t/m 27 februari 2022

Foto-expositie met de winnaars van de Groene Camera 2021. Indrukwekkende landschappen, dieren in actie, kleurrijke insecten en kunstzinnige beelden zijn onderdeel van de expositie.

Natuurfotografie speelt een belangrijke rol in het – al dan niet onbewust – versterken van het besef dat onze natuur mooi en bijzonder is en daarom ook iets om zuinig op te zijn. Deze gedachte is de motivatie geweest van de initiatiefnemers Jan Vermeer en Daan Schoonhoven bij het in het leven roepen van de natuurfotografieprijs ‘De Groene Camera’.

Foto: Winnaar Groene Camera Natuurfoto van het jaar: Luc Rooman.
Een zeepaddenstoel wordt gegrepen door een golf.

Museon

Adres: Stadhouderslaan 37, Den Haag
Meer info: klik hier

terug naar boven
>>


   
   
   
   
   


Reageren op NNN

Voor reacties op de inhoud van NatuurNetNieuws, uw waarnemingen, natuurnieuws en vragen over de natuur, mail naar: tiny@groen-natuurlijk.nl
Voor het wijzigen van uw e-mailadres (vermeld ook uw oude e-mailadres!) of afmelden voor de nieuwsbrief mail naar: info@groen-natuurlijk.nl

Voor het aanmelden als abonnee op NatuurNetNieuws kijk op: https://groen-natuurlijk.nl/natuurnieuwsbrieven/
Het overnemen van informatie is toegestaan, mits u duidelijk vermeldt:
Bron: NatuurNetNieuws, uitgave van platform GROEN! natuurlijk: www.groen-natuurlijk.nl

Behalve voor u is er ook een nieuwsbrief (NatuurNetNieuwsJunior) voor uw (klein)kinderen in de basisschoolleeftijd met een verhaaltje, veel informatie over dieren en/of planten (handig voor een spreekbeurt) en uittips voor kinderen.

Net zoals u gratis abonnee bent van NatuurNetNieuws, kunt u of kunnen zij zich ook gratis abonneren op NatuurNetNieuws Junior (komt zes keer per jaar uit!). U hoeft alleen maar een mailtje te sturen naar: info@groen- natuurlijk.nl of het formulier in te vullen: klik hier


 

   
   

Volg ons ook op Facebook

O
nze Nieuwsbrief verwijst soms naar websites van derden. We hebben geen controle over de aard, de volledigheid noch de juistheid van de informatie op deze websites en zijn daarom niet aansprakelijk voor de inhoud van deze sites.

terug naar boven >>




 

 

 
 
 
     
' ' .