U kunt de volledige nieuwsbrief lezen of een keuze maken uit de onderwerpen die u aanspreken door deze onder de inhoud (apart) aan te klikken.  



 
   


Flora en fauna
- Gevlekte dovenetel
- Kramsvogel

Natuurnieuws
- Natuurverbinding Ruygeborg
- Systeemherstel in de Lange Gooren en Krochten

Natuur Uit en Thuis
- UIT: Over de grens

- THUIS: Tussen de buien door


Natuur kort
- Staat van Friese biodiversiteit online
- Nieuwe bossen in het Beerzedal

Natuurexcursie
- Geen

ELFje
- Kastanje

Citaat van de maand
- John Burroughs


Boekennieuws
- Vogels van de Friese Waddenkust

Natuur Plus
- Planten met dierennamen

Bomenweetjes
- PEFC-certificaat Bomen Buiten het Bos uitgereikt
- Bossen en bodems in zwaar weer

Uit tips
- De hand van de plateelschilder
- Verdwalen
- Discovering Ancient Egypt


 
NB. De links in onderstaande teksten zijn vet gedrukt en hebben een groene kleur.
 

 
   
   
 



Gevlekte dovenetel - Lamium maculatum

De gevlekte dovenetel vind je op voedselrijke, licht beschaduwde vochtige grond onder hakhout, langs bosranden, op dijkhellingen en in ruige begroeiingen langs rivieren en beken. In Nederland is hij vrij algemeen in Zuid-Limburg, rond Nijmegen en plaatselijk langs de rivieren, westwaarts tot de Oude Maas maar verdraagt geen langdurige overstroming. Langs beken en kleine rivieren - zoals de Geul, de Geleenbeek en de Roer - waar minder kans is op langdurig hoog water, groeit gevlekte dovenetel juist in overvloed op de oeverwal.

Het is een 30 - 60 cm hoge groen overwinterende plant. Hij heeft gekartelde driehoekige bladeren en bloeit van april tot ver in de herfst. De bloemen zijn lichtpurper met een donkerder gevlekte onderlip. Het is een waardevolle plant voor vroege bijen en hommels, omdat de bloemen nectar produceren in een periode waarin het aanbod nog beperkt is. In de herfst en winter vormt de vorstbestendige plant matten met bovengronds liggende of kruipende stengels.

De uitgebloeide bloemen bieden dan zaad aan vogels en het loof en de stengels zijn een welkome schuilplek voor insecten. De naam komt van gedoofd of niet werkend (niet bezet met brandharen zoals bij de brandnetel). Lamium is afgeleid van het Griekse woord lamos (muil of keelgat) en heeft betrekking op de muilvormige bloemkroon.
Maculatum = gevlekt.


Kramsvogel - Turdus pilaris

Zie je een grote lijsterachtige vogel, ongeveer zo groot als een merel (22 - 28 cm) met een leigrijze kop en stuit, een zwarte staart, een roodbruine rug, roomwitte buik en goudbruine borst waarop talrijke pijlvormige, bruinzwarte vlekjes prijken? Dan is er geen twijfel mogelijk. De kramsvogel is weer gearriveerd! In de trektijd kunnen ze zwermen vormen die soms bestaan uit honderden tot zelfs duizenden vogels die in Nederland aankomen tussen eind september en november.

Foto: Saxifraga-Bart Vastenhouw

De kramsvogel staat bekend om zijn kwetterende ‘tsjak tsjak tsjak’. Dit geluid levert hem zijn bijnaam ‘tsjakker’ of ‘tsjaklijster’ op. Andere bijnamen zijn veldlijster, krammet(s)vogel of kramlijster maar ook ‘Laplandertje' (naar zijn broedgebied) en ‘wijnlijster' (een verwijzing naar zijn bruinrode rug). Zijn alarmroep is een luid knarsend ‘trrrtrrrtrrrt'.

Zijn voedsel bestaat uit allerlei soorten insecten, regenwormen, spinnen, rupsen en geleedpotigen. Op weilanden, grasvelden en bouwland wordt naar wormen gezocht op de ‘merelmanier’: rustig hippend, afgewisseld met korte tussensprintjes, de kop schuin opzij, één oog aandachtig op de grond gericht om vervolgens, met een snelle beweging de prooi te overmeesteren. In het najaar en de winter gaat hij vooral op zoek naar afgevallen fruit en bessen. In sommige jaren gisten de duindoornbessen aan de struiken waardoor de (trek)vogels dronken worden!

Foto: Saxifraga - Piet Munsterman

Rond maart-april keert de kramsvogel terug naar zijn broedgebied. Er wordt gebroed vanaf eind april, meestal zijn er twee legsels van 5 tot 6 eieren. De nesten zitten vaak in hoge populieren. Om hun kroost tegen belagers (vooral zwarte kraaien, sperwers en buizerds) te beschermen vallen kramsvogels ze groepsgewijs aan en poepen ze soms zo zwaar onder dat de ‘slachtoffers’ zelfs niet meer in staat zijn om te vliegen.

terug naar boven >>

   
 
   
   


Natuurverbinding Ruygeborg

Ruygeborg wordt de nieuwe cruciale natuurverbinding tussen de Nieuwkoopse Plassen en de Groene Jonker. Zo ontstaat er een groot leefgebied voor dieren en planten en een veilige doorgang voor kleine zoogdieren, waaronder de zeldzame noordse woelmuis.


Verder kunnen hier straks rietvogels zoals de blauwborst, kleine karekiet en snor goed broeden. Er worden moeraszones, natuurvriendelijke oevers, nieuwe paden, waterwerken en uitzichtpunten gerealiseerd. De ambitie is om voor het broedseizoen van 2026 de werkzaamheden afgerond te hebben. Speciaal voor de zeldzame rugstreeppad en heikikker is een compensatiegebied aangelegd. Deze waterpoel blijft bestaan als de natuur eromheen vorm heeft gekregen met onder meer fauna- en kruidenrijk grasland voor weidevogels zoals de grutto, tureluur, kievit en scholekster.

Door de aanleg van stuwen, dammen en nieuwe watergangen kan het waterpeil flexibel worden beheerd. In het voorjaar wordt het peil wat hoger gezet zodat de grutto’s veilig hun nesten kunnen maken. Zodra de kuikens uitgevlogen zijn, kan het weer omlaag, zodat boeren het gras kunnen maaien. Zo ontstaat een mooie balans tussen natuur en landbouw.
Het nieuw in te richten deel van Ruygeborg wordt ook een recreatiegebied. Er komen nieuwe wandelpaden die het hele jaar toegankelijk zijn, ook voor mensen in een rolstoel of scootmobiel. Buiten het broedseizoen is het mogelijk voor wandelaars om vanaf de dorpskern van Nieuwkoop naar de Groene Jonker bij Zevenhoven te lopen. Langs de paden komen uitkijkpunten en bankjes voor een wijds uitzicht over de rietvelden en plas-drasgebieden vol weidevogels.

Bron: Veenweidengouwewiericke.nl


Systeemherstel in de Lange Gooren en Krochten

Het grensgebied tussen Noord-Brabant en België herbergt bijzondere, maar weinig bekende natuurparels. Eén daarvan is de Lange Gooren en Krochten nabij Zundert. Stichting Bargerveen heeft samen met Bosgroep Zuid Nederland de knelpunten van dit gebied in kaart gebracht en inzichtelijk gemaakt waar de mogelijkheden voor natuurherstel liggen.

De Lange Gooren en Krochten is een langgerekt en smal natuurgebied dat tegen de Belgische grens ligt ten zuiden van Breda. Het bestaat uit verspreide restanten van een ooit zeer divers zand- en veenlandschap en herbergt nog steeds een reeks bijzondere en zeldzame soorten, zoals lavendelhei, knopbies, de zeggekorfslak en de vinpootsalamander. Verdroging, verzuring en vermesting zijn echter grote knelpunten in het gebied dat tot in de 20e eeuw grotendeels een nat moerasgebied was dat kleinschalig in gebruik was als hooiland en hakhoutbos.

Het oorspronkelijke zand- en veenlandschap veranderde in een intensief gebruikt agrarisch landschap met enkele verspreide restanten die nu het huidige natuurgebied vormen. Op de flanken van de dekzandruggen zorgt een vrij constante toestroom van lokaal grondwater voor vochtige tot natte omstandigheden. Het verminderen van de ontwatering zorgt voor hogere en stabielere grondwaterstanden en daarmee een betere uitgangssituatie voor vochtige- en natte vegetatietypen. Dit biedt mogelijkheden voor uitbreiding en herstel van natte heiden, veentjes, gagelstruwelen, zure kleine zeggemoerassen en heischrale graslanden.


Van links naar rechts: teer guichelheil, zeggekorfslak, heideblauwtje en de levendbarende hagedis

Hiermee wordt ook het leefgebied van kwetsbare diersoorten, zoals het heideblauwtje, de venwitsnuitlibel en de levendbarende hagedis, verbeterd en uitgebreid.
Meer informatie is te vinden in het artikel 'Lange Gooren en Krochten: eerste stappen naar systeemherstel van natuurrelicten' in het tijdschrift Natuur Bos Landschap.

Meer info: klik hier

Bron: Nature Today

terug naar boven
>>


   
   
   
   


Elke maand schrijf ik een stukje over iets wat ik in de afgelopen maand heb gezien tijdens een van mijn wandelingen.
UIT: ergens in het land.
THUIS: Maasland (ZH) en omstreken.

Tiny van der Meer


NATUUR UIT: over de grens

Kijk hem daar nu eens staan! Alsof hij bewust juist die plek, vlak langs de kant van de weg, heeft uitgekozen om op te vallen en dat is deze gele ringboleet gelukt! Hij behoort tot de slijmboleten wat is te zien en te voelen. Een slijmlaag bedekt zijn hoed, waardoor hij nog geler lijkt dan hij al is.

Het is een jong exemplaar, want ook de buisjes zijn nog goudgeel, terwijl ze bij het ouder worden wat naar geelbruinachtig verkleuren. Bij deze jonge zwam is ook nog duidelijk de grote, vliezige, slijmerige ring te zien rond de steel.

Na het passeren van een oud ijzeren poortje gaat het genieten gewoon door. Zelfs een klein uitstapje over de grens kan soms heel verrassend zijn!
Dat merk ik als ik een route loop bij Huijbergen. Het wemelt van de paddenstoelen.
Ik zie de grote kale inktzwam, de schubbige fopzwam, de kopergroenzwam en de parelstuifzwam.


In de Staartse duinen steek ik de grens met België over. Voordat ik bij de Kalmthoutse heide kom, sla ik af en struin via een onduidelijk bospad langs de Steertse heide naar het pad dat precies de grens tussen Nederland en België vormt. Na grenspaal 251 liggen er meerdere takkenhopen langs de route. Het zijn bulten die door vrijwilligers zijn aangelegd voor de zeldzame gladde slang.

Hij is niet giftig maar kan bij verstoring luid sissen en bijten. Bij het minste of geringste onraad kan hij veilig verdwijnen in deze schuilplaatsen. Aan de Nederlandse kant waar de heide en de duinen weer ‘staartse’ in plaats van ‘steertse’ heten, geniet ik nog even na op een bankje met uitzicht op een groep sombere honingzwammen.

Aan de kenmerkende zwarte schubjes hebben ze de naam ‘sombere’ te danken, maar met de zon op hun hoed is er niets sombers aan te ontdekken en doen ze de naam ‘honing’ alle eer aan.


NATUUR thuis: tussen de buien door

Tussen de buien door loop ik graag een kerkenpad door een van de polders. In Maasland heeft het tot nu toe zelden geregend, maar in deze laatste week van oktober is het goed raak en is het een uitdaging om tussen de smeuïge koeienvlaaien door te slalommen die her en der, (maar het lijkt wel vooral) óp het kerkenpad zijn achtergelaten.

Ook pak ik, nu het nog kan, met veerpont ‘De Kwakel’, die in oktober alleen nog in het weekend vaart, een ‘heen-en-weertje’ naar de Bommeer. Nog even genieten van de vlietlanden en het varen op zich, want na deze laatste (herfstvakantie)week is het voorlopig uit met de pret en moet ik wachten tot april, voordat de veerpont weer in de vaart is. Na een korte zonnige wandeling, juist aangekomen bij de aanlegplaats aan de Broekpolderkant zie ik dat de lucht plotseling inktzwart wordt! Ik kan nog nèt droog op de boot stappen, maar dan gaat het los en valt er een enorme bak water uit de lucht.
Gelukkig zijn er geen andere passagiers aan boord en mag ik de overtocht maken in de stuurhut van de schipper. We steken de Bommeer over, de Middelvliet en de Noordvliet. Als de boot stopt bij de aanlegsteiger aan de Maaslandse kant stopt ook abrupt de regen. Niet te geloven! Die enorme bui, alleen boven het water. Maar ik ben wel blij dat die inktzwarte lucht zijn inhoud precies op het juiste moment losliet!


terug naar boven >>

   
 
 
   
   


Staat van Friese biodiversiteit online

Via een nieuwe online omgeving kunnen inwoners, onderzoekers, belangstellenden en organisaties zien hoe het gaat met de planten en dieren in de provincie Friesland.

Het provinciebestuur maakt bestaande gegevens en onderzoeken over biodiversiteit daarmee toegankelijk voor een breed publiek. Er zijn grafieken en tabellen te vinden met daarin gegevens over aantallen, trends en de verspreiding van planten en dieren die in Friesland voorkomen.



Er komen in de provincie 1440 soorten voor die kwetsbaar, bedreigd of beschermd zijn. Vijfhonderd daarvan hebben een sterke binding met Friesland. Naast al die gegevens, wordt er ook informatie gegeven over de koppeling met het landschap in de provincie, uitgelegd waar alle informatie vandaan komt en hoe de gegevens gelezen en gebruikt kunnen worden. De online omgeving wordt de komende jaren verder aangevuld en is te vinden via de Staat van Fryslân.

Meer info: klik hier

Bron: Provincie Friesland

terug naar boven >>

 


Nieuwe bossen in het Beerzedal bij Oirschot

In het Beerzedal zijn drie nieuwe bossen aangelegd, samen goed voor bijna twee hectare bos.
Inheemse boomsoorten die zich thuis voelen op deze gronden krijgen de kans uit te groeien tot machtige bomen.


Kleine maar krachtige plekken, die de natuurstructuur versterken, zorgen voor schaduw en verkoeling in een warmere toekomst en dragen bij aan de leefruimte voor vogels, insecten en kleine zoogdieren.

De bossen vormen schakels in een lokaal ecologisch raamwerk dat de biodiversiteit vergroot en het landschap veerkrachtiger maakt tegen verdroging en klimaatverandering. Met dit project van ARK Rewilding Nederland wordt concreet bijgedragen aan de strategische doelen van Het Groene Woud.

Bron: ARK Rewilding Nederland

   
   
   
   



Onder dit hoofdstukje treft u in elke uitgave van onze maandelijkse nieuwsbrief een 'ELFje' aan.

Een 'ELFje' is een eenvoudige, compacte dichtvorm van vijf regels waar je een bepaalde sfeer mee op kan roepen.
De regels bestaan uit: één woord, twee woorden, drie woorden, vier woorden en dan weer één woord. Samen zijn dat de elf woorden van de ELF.

ELFje en foto: Jannie Harmsen

terug naar boven >>

   
   
   
   


geen

Info tel. 06 1822 5941 of www.ivndenhaag.nl

terug naar boven >>

   
   
 
 
 
   

 

terug naar boven >>

   
       
   
   


Vogels van de Friese Waddenkust

De Friese Waddenkust is niet alleen een schitterend gebied, maar ook een cruciale schakel in het leven van veel soorten wad- en watervogels, die er broeden, ruien, opvetten en overwinteren in alle seizoenen van het jaar.

In ‘Vogels van de Friese Waddenkust’ worden van bijna 200 soorten de ontwikkelingen van de afgelopen 50 jaar in beeld gebracht. Het laat de gevolgen zien van klimaatveranderingen en een breed scala aan nieuwe ontwikkelingen langs de kust, zoals dijkversterking, buitendijkse fietspaden en een nieuwe plek voor verbeterde afvaart naar Ameland.

Auteurs:

Uitvoering :
ISBN:

Henk Hiemstra, Meino Zondervan,
Meinte Engelmoer en Taeke Roosjen
gebonden, 396 pagina's
9789464713282
Uitgeverij: Noordboek
Grootte: 288x240x36 mm
Prijs: € 29,90

terug naar boven >>

   
   
   
   


Planten met dierennamen

Veel planten gaan door het leven met een dierennaam. Wat te denken van geitenbaard, leeuwentand of bokkenorchis. Maar hoe komen die planten of bloemen aan hun dierennaam? Van een aantal volgt hieronder de uitleg hoe ze (zouden kunnen) zijn ontstaan zoals kikkerbeet, daslook, (oranje) havikskruid, gewone ossentong, adderwortel, hanenpoot, biggenkruid, bokkenorchis, duifkruid, hazenpootje, hondsdraf of egelskop.

Adderwortel
De adderwortel dankt zijn naam aan de kronkelinge, slangachtige wortel. Andere volksnamen zijn o.a. addertong, bloedkruid, longenkruiden of slangenwortel. In de 15e eeuw werd deze plant gebruikt tegen scheurbuik en als bloedstelpend middel.

Oranje Havikskruid
Havikskruid dankt zijn naam aan het feit dat men in de oudheid geloofde dat haviken hun scherpe ogen te danken hadden aan deze plant. Ook mensen gebruikten daarom oogdruppels gemaakt van havikskruid. Het eerste deel van de Latijnse naam (Hieracium) komt van het Griekse hierax, dat ‘havik’ betekent. Aurantiacum komt uit het Latijn en betekent ‘oranje’
.

Hanenpoot
Een gras dat door de vorm van de typische bloeiwijze opvalt is de Europese hanenpoot. De aren die als duidelijke vingers aan weerszijden van de vrij lange bloeistengel schuin omhoog steken doen aan de poot met spoor van een haan denken. Het Latijnse deel van de wetenschappelijke naam, crus-galli, betekent ook letterlijk ‘hanenpoot’. Maar merkwaardig blijft de naam wel. Er zijn grassoorten met een veel duidelijker hanenpootvorm als pluim, die niet zo heten. Wel zijn er nog andere planten met de naam hanenpoot. Bijvoorbeeld zevenblad, die in het Fries ‘hoannepoat’ heet en elders ook de bijnaam hanenpoot gekregen heeft.

Gewone ossentong
De plant voelt over zijn gehele oppervlakte ruw aan door de dichte borstelige beharing die sterk lijkt op de tong van een os (gecastreerde stier). De bladeren zijn meer dan viermaal zo lang als breed en dat gecombineerd met het ruwe oppervlak heeft geleid tot de Nederlandse benaming ‘ossentong’.

Krabbenscheer
Krabbenscheer heeft zijn naam te danken aan de vorm van de schutblaadjes van de bloemsteel: deze schutblaadjes vormen als het ware de schaar van een krab. 

Hazenpootje
De cilindervormige hoofdjes van deze klaversoort staan op lange stelen. De vijf kelktanden zijn allemaal even lang en heel sterk behaard met recht afstaande haren, waardoor het hoofdje een grijs donzig uiterlijk heeft. Het lijkt daardoor sterk op een pootje van een konijn of haas.

Duifkruid
In de wetenschappelijke naam Scabiosa Columbaria komt Columbaria waarschijnlijk van het Latijnse Columbus dat ‘duif’ betekent, verwijzend naar de blauwachtige kleur van de bloem. Columbaria betekent ‘duifkleurig’ .

Bijenorchis
De bijenorchis is een zeldzame orchidee. Het onderste deel van de bloem lijkt op een bij, of nog meer op een hommel. Ze produceert zelf geen nectar, maar tracht mannelijke wilde bijen te verleiden om met de bloem te paren en op die manier het stuifmeel te verspreiden.

Kikkerbeet
is een letterlijke vertaling van het tweede deel van de Latijnse naam: (morsus-ranae). Morsus betekent beet en rana is kikker. Ook de diepe insnijding van het blad wordt toegedicht aan vraat door kikkers. Het ronde blad lijkt op een munt vandaar ook de volksnamen duitenblad en Geld op ’t water.

Gewoon Biggenkruid
In zijn wetenschappelijke naam (Hypochaeris radicata) betekent Hypo ‘voer’, chaeris komt van choiros en betekent ‘big/zwijn’. Dus varkensvoer. Dit plantje is rijk aan eiwit en mineralen, dus zeer geschikt om door grazende dieren te worden gegeten. Varkens zijn ook dol op de wortel, die zij met hun snuit uit de grond wroeten.

Daslook
Onze Germaanse voorouders dachten dat de beer/das zijn kracht aan daslook te danken had. De naam beer komt dan ook in meerdere talen terug (in het Engels, Frans, Duits, Spaans en Italiaans heet hij beer-look of ‘knoflook van de beer’). Dassen zouden dol zijn op de wortels. Het verhaal gaat dat dassen hun holen onder dit ‘knoflookkruid’ graven en dit als eerste eten wanneer ze uit hun winterslaap komen.

Egelskop
De plant is, tijdens de bloeiperiode, duidelijk herkenbaar aan de kogelvormige bloemen. De naam egelskop slaat op de stekelige vruchten van de plant die worden gevormd na de bloei en op een egel lijken.

Bokkenorchis
De naam verwijst naar de sterke geur van bokkenurine die de bloemen van de (zeer zeldzame) plant verspreiden. De plant verschijnt plotseling, om vervolgens jaren te verdwijnen. Vroeger dacht men dat de plant zichzelf niet kon voortplanten, maar kiemde uit het zaad van een bok. De Latijnse soortnaam hircinum komt van het woord hircus, wat ‘geitenbok’ betekent.

Geitenbaard
Zijn Nederlandse naam dankt geitenbaard aan de vorm van de bloeiwijze. Hij bloeit met geelwitte, twintig centimeter lange dicht bij elkaar staande pluimen, met daarin heel veel kleine bloemen, die wel wat weg hebben van de sik van een geit. Ook de Duitse naam is daarvan af te leiden.

Hondsdraf
De Nederlands naam Hondsdraf heeft niets met een hond te maken! De Middelnederlandse benaming was ‘Gondrave’,
waarbij ‘gond’ een wonde of zweer zou zijn. Een plant dus om wonden te behandelen. Uit dit Gondrave is dan door verbastering Hondsdraf ontstaan.

terug naar boven >>

   
 
   
 

Eerste PEFC-certificaat Bomen Buiten het Bos uitgereikt aan Landgoed De Barkel

Het PEFC-keurmerk (Programme for the Endorsement of Forest Certification Schemes) is een internationaal keurmerk dat staat voor duurzaam beheerde bossen (red.).

PEFC maakt het sinds kort mogelijk om ook bomen buiten het bos te certificeren. Landgoed De Barkel in Wierden (Ov) is het eerste landgoed dat dit certificaat via de Unie van Bosgroepen ontvangt. Daarmee wordt erkend dat niet alleen de bossen op De Barkel duurzaam worden beheerd, maar ook de beukenlaan en de acht oude eiken die een eikengaard vormen.

De Bosgroepen zijn trots dat Landgoed De Barkel, beheerd door Wim Boom, als eerste de module Bomen Buiten het Bos heeft behaald. In mei onderging het landgoed een audit (onderzoek naar het functioneren van een bedrijf als geheel of op onderdelen) voor het beheer van niet-bos-bomen, en zo werd het PEFC-certificaat uitgebreid.

Hierdoor mag Wim Boom het hout uit deze gebieden met het keurmerk verkopen, al is dat niet zijn bedoeling: “Ik zal zo lang mogelijk voor deze prachtige bomen zorgen, maar ik heb nu aangetoond dat ze onder hetzelfde duurzame beheer vallen.” Boom vertelt enthousiast over de geschiedenis van het landgoed: “Het is voor ons belangrijk dat ook andere mensen kunnen genieten van het terrein en dat de bomen duurzaam worden beheerd zodat ze behouden blijven voor toekomstige generaties.” Toen de letterzetter (kleine kever die naaldbomen aantast door te boren in de bast) enige tijd geleden een hectare sparren aantastte, maakte die plek plaats voor jonge aanplant van grove den en wintereik.

Bron: Bosgroepen


Bossen en bodems in zwaar weer

De Wetenschappelijke Klimaatraad signaleert dat bossen en bodems de laatste jaren extra hard worden geraakt door klimaatverandering én menselijk handelen. In de signalering 'Bossen en bodems in zwaar weer' zet het adviesorgaan voor de regering en het parlement op een rij wat er aan de hand is, welke gevolgen dit heeft voor klimaatbeleid. Ook worden denkrichtingen aangereikt over wat er gedaan kan worden om bossen en bodems beter te beschermen. 

Tot voor kort kenden bossen en bodems wereldwijd gemiddeld een groei in de koolstofopname. De afgelopen jaren blijkt uit metingen dat bossen en bodems minder CO2 vasthouden. Met als dieptepunt 2023 en 2024: toen werd vrijwel geen koolstof opgenomen. Bossen en bodems lijken gevoeliger voor de stapeling van weersextremen dan eerst werd gedacht.

Meer informatie is te vinden in de signalering ‘Bossen en bodems in zwaar weer’. Klik hier

Bron: Wetenschappelijke Klimaatraad

terug naar boven >>

   
   
   
 

 

 


De hand van de plateelschilder - van 8 november 2025 t/m 8 november 2026

Als zestienjarige verruilde ze school voor plateelschilderen. Nu, bijna een halve eeuw later, werkt ze nog dagelijks in haar atelier aan nieuwe creaties: Trudy Otterspeer. Uit haar trefzekere penseelstreken spreekt jarenlange ervaring. Ze is de laatste plateelschilder van de stad, een boegbeeld en doorgever van dit Goudse ambacht.

De tentoonstelling ‘De hand van de plateelschilder’ toont een dwarsdoorsnede van Trudy Otterspeers werk, van leerling tot ambachtskunstenaar. Daarnaast is er ook sieraardewerk van Plateelbakkerij Zenith te zien.

Dit was de plek waar Otterspeer in de jaren ‘70 is opgeleid, destijds de grootste plateelfabriek van Gouda. Het maakproces wordt in beeld gebracht en naast plateel zijn er ook halffabricaten en ontwerpboeken te zien. ‘De hand van de plateelschilder’ is een ware ode aan vakmanschap.

Beeld: De Hand van de plateelschilder

Museum Gouda
Adres: Oosthaven 9, 2801 PB Gouda Meer info: klik hier


Verdwalen - t/m 30 november 2025

Door te voet door het Groninger land te gaan ervaar je het landschap met al je zintuigen. Elk seizoen biedt nieuwe ervaringen, elk pad nieuwe ontdekkingen. Lopen is zo een innige manier om je omgeving in al zijn volheid en verscheidenheid te ervaren en er vertrouwd mee te raken.

Geert Schreuder

In onze huidige samenleving maken we nog maar weinig tijd vrij om te vertragen en het landschap werkelijk tot ons te laten spreken. Wandelen prikkelt, het maakt je nieuwsgierig naar de natuur, de geschiedenis, de verhalen en daarmee de eigenheid van de plek waar je bent.

Ruim 30 kunstenaars gingen speciaal voor ‘Verdwalen’ naar buiten en verwerkten hun indrukken in verrassende schilderijen, tekeningen, grafiek, foto’s, installaties en digitale presentaties.
Haal meer uit de tentoonstelling. In de expositie biedt een knusse picknickplaats ruimte voor het uitwisselen van wandelervaringen. Jonge bezoekers volgen met een gevulde rugzak een eigen spannende verdwaalroute door de zalen van het museum. Slenteren of snelwandelen? Op de paden van het museumbos experimenteer je met alles wat lopen kan zijn. Naar buiten! In het randprogramma kun je er onder andere op uit met ervaren wandelcoaches en een geluidskunstenaar. Kijk op www.hetmow.nl voor de actuele agenda.

Museum Westerwolde MOW Adres: Hoofdweg 161, 9695 AE Bellingwolde Meer info: klik hier

Discovering Ancient Egypt - van 16 oktober 2025 t/m 15 maart 2026

Discovering Ancient Egypt trok meer dan anderhalf miljoen bezoekers in Japan, Zuid-Korea en Australië. Na vijf jaar keert de reizende expositie terug naar Leiden.

De tentoonstelling vertelt het veelzijdige verhaal over het leven, de religie en de cultuur van de oude Egyptenaren, aan de hand van nieuwe ontdekkingen en onderzoek.
U ziet bijna vijfhonderd objecten, waaronder een flink aantal mummiekisten, indrukwekkende beelden, gouden sieraden, kleurrijke papyri, dierenmummies en unieke manuscripten. Met tentoonstellingsboekje, audiotour en lezingen.

Rijksmuseum van Oudheden Adres: Rapenburg 28, 2311 EW Leiden Meer info: klik hier

In hetzelfde museum is er een tentoonstelling voor de jeugd over Monsters en mythische wezens - t/m 3 januari 2027
Voor meer informatie leest u de uittips in NNNjunior november/december 2025
.

terug naar boven >>

   
   
   
   
   
   


Reageren op NNN

Voor reacties op de inhoud van NatuurNetNieuws, uw waarnemingen, nieuws of vragen over de natuur, mail naar: tiny@groen-natuurlijk.nl
Voor het wijzigen van uw e-mailadres (vermeld ook uw oude e-mailadres!) of afmelden voor de nieuwsbrief mail naar: info@groen-natuurlijk.nl

Samenstelling: Tiny van der Meer. Vormgeving: Hans Steinfort.

Voor het aanmelden als abonnee op NatuurNetNieuws kijk op: https://groen-natuurlijk.nl/natuurnieuwsbrieven/
Het overnemen van informatie is toegestaan, mits u duidelijk vermeldt:
Bron: NatuurNetNieuws, uitgave van platform GROEN! natuurlijk: www.groen-natuurlijk.nl

Behalve voor u is er ook een natuurnieuwsbrief (NatuurNetNieuwsJunior) voor uw (klein)kinderen in de basisschoolleeftijd met een verhaaltje, veel informatie over dieren en/of planten (handig voor een spreekbeurt) en uittips voor kinderen. Net zoals u gratis abonnee bent van NatuurNetNieuws, kunt u of kunnen zij zich ook gratis abonneren op NatuurNetNieuws Junior (komt zes keer per jaar uit!). U hoeft alleen maar een mailtje te sturen naar:
info@groen-natuurlijk.nl


   
   


Volg ons ook op
Facebook

Onze Natuurnieuwsbrief verwijst soms naar websites van derden. We hebben geen controle over de aard, de volledigheid noch de juistheid van de informatie op deze websites en zijn daarom niet aansprakelijk voor de inhoud daarvan.

terug naar boven >>